Nijmegen gebombardeerd

Vandaag 75 jaar geleden: Bombardement op Nijmegen

22 februari 1944 staat te boek als een gitzwarte dag voor de historische binnenstad van Nijmegen. Zoals wel vaker vlogen die dag geallieerde vliegtuigen van west naar oost over de stad richting Duitsland. Om 12:15 uur klonk dan ook wederom een loos luchtalarm. Een uur later (13:15 uur) klonk het sein ‘veilig’. Het dagelijkse leven werd weer opgepakt; de bevolking kwam uit de schuilkelders tevoorschijn. Vlak voor half twee zag de uitkijkpost van de Luchtbeschermingsdienst in de Nijmeegse wijk Goffert vliegtuigen uit het oosten aankomen. Het luchtalarm kwam te laat en het hart van Nijmegen werd zwaar getroffen door het bombardement.

Amerikaans bombardement

Twaalf Amerikaanse Liberator B-24 bommenwerpers wierpen hun bommen af boven de Gelderse stad. Per toestel waren twaalf bommen van 500 lbs ingeladen. In totaal werden 144 zware brisantbommen boven de stad afgeworpen. De twaalf bommenwerpers behoorden tot de 446th Bomb Group (BG) van het Amerikaanse 8th Air Force. Twee vliegtuigen van 453rd BG, achterblijvers, volgden de 446th BG. Samen vervoerden de twee toestellen van 453rd BG eenenzeventig clusterbommen. Elke clusterbom bestond uit zes kleinere splinterbommen van elk 20 lbs. Naast de 144 zware brisantbommen kreeg de historische binnenstad van Nijmegen dus ook nog eens met 426 splinterbommen te maken.

Inschattingsfout

Het was helemaal niet de bedoeling om Nijmegen te bombarderen. Bomleider McCarty dacht dat hij Kleef in Duitsland zag liggen en ging over tot actie. Of dit klopt, daar zijn de meningen over verdeeld. Wel was duidelijk dat het spooremplacement het doelwit van het bombardement was. Er stond die dag echter een stevige wind. McCarty verwachtte dat, als hij op het spooremplacement zou mikken, de bommen niet op maar voorbij het doelwit terecht zouden komen (overshoot). Hij koos daarom voor een richtpunt voor de spoorlijn. Ze kwamen vanuit het oosten aanvliegen en mikten op het grote gebouw bij het kruispunt, in een rechte lijn met het station. Op de Strike-Photo (zie omslagfoto) is met zwarte cirkels aangegeven waar het richtpunt van de aanval was. Op de Strike-Photo boven is de Waal zichtbaar. Links is het spoor en de spoorbrug, rechts de Waalbrug. Linksonder is duidelijk zichtbaar het welbekende Keizer Karelplein.

Schade

Drie minuten later bleek dat er van overshoot geen sprake was geweest. De historische binnenstad van Nijmegen was vol geraakt, maar de spoorlijn had weinig te verduren gehad. De eerste serie bommen viel op het Valkhof (huidige Hoogstraat) en het Kelfkensbos. Ook het politiebureau aan het Valkhof werd geraakt. Hierdoor konden de hulpdiensten niet meer telefonisch gewaarschuwd worden. De tweede serie bommen trof het stationsplein met onder andere het Oranjehotel en het Victoriahotel aan de Van Schaek Mathonsingel.

Tijdens het bombardement werden ongeveer zeshondervijftig woningen totaal verwoest. Op onderstaande luchtfoto van 26 maart 1944 is goed te zien dat er veel schade was aan de binnenstad. Daar waar het richtpunt was aangegeven op de Strike-Photo is op onderstaande foto de schade te zien als witte vlekken (rechts van het spoor en boven de rotonde Keizer Karelplein).

Blindgangers

Op de eerste dag werden er volgens de overleveringen al vierentwintig blindgangers geteld. De bommen waren afgeworpen met ontstekingsinrichtingen met een tijdvertraging. Niet alle bommen gingen daarom gelijk al af. Sommige hadden zelfs een vertraging van een half uur. De gemeente Nijmegen heeft een aantal jaar geleden alle risico’s op achtergebleven Conventionele Explosieven (CE) door Bombs Away in kaart laten brengen. Op de milieukaart onder submenu NGE (niet gesprongen explosieven) zijn de resultaten van dit onderzoek te raadplegen.

Historische vooronderzoeken

Een vergelijkbare kaart wordt momenteel voor de gemeente Eindhoven gemaakt. Dat het historisch vooronderzoek bruikbare resultaten oplevert bleek afgelopen zomer nog in Nijmegen. De Fortgracht te Lent valt namelijk ook onder de gemeente Nijmegen en daarmee binnen het gebied van de CE Bodembelastingkaart Nijmegen. Uit het historisch vooronderzoek bleek niet alleen dat Nijmegen op 22 februari 1944 was gebombardeerd. Uit het onderzoek kwam ook naar voren dat het Fort in Lent onderdeel was geweest van een Duitse stelling waar hevige grondgevechten en artilleriebeschietingen hadden plaatsgevonden. Vlak voor vertrek hadden Duitse militairen hun munitie in de fortgrachten gedumpt. Door het droogvallen van de gracht tijdens de bloedhete zomer van 2018 kwam de gedumpte CE aan de oppervlakte te liggen. Lees hier meer over de Fortgracht in Lent.

Tekst: Leoniek Vrielink MA, historicus Bombs Away B.V.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *